In de 1ste Eeuw voor Christus creëerde Keizer Augustus voor heel het Romeinse Rijk een netwerk van relais en herbergen die het toelieten boodschappen snel te verzenden via koeriers. Later, rond 1477, doorkruisten de koeriers het hele land en werden de paarden gewisseld in elk relais. Een meereizend postiljon zorgde ervoor dat de paarden "leeg" terug naar hun oorspronkelijke relais werden gebracht. De postrelais waren toendertijd 7 mijl ( 28 km ) van elkaar verwijderd; vandaar de fameuze "7 mijlslaarzen". De "Post"-hotels waren eigendom van de Postmeesters, die paarden verhuurden aan de koeriers, maar ook aan gehaaste reizigers. De bemiddelde Postmeester kocht van de Koning het exclusief recht om de Posterijen uit te baten en de winsten zelf op te strijken. >>>